Exploitatiemaatschappij Pinckaers Gronsveld B.V.

Algemene voorwaarden Stalling Gronsveld van Exploitatiemaatschappij Pinckaers Gronsveld B.V.

Adres: Stationsstraat 44, 6247 BL Gronsveld

Telefoonnummer: 043-4081251

E-mailadres: info@pinckaers-gronsveld.nl

Website: http://pinckaers-gronsveld.nl

Ingeschreven in het Handelsregister van de KvK onder nummer 14604690

Artikel 1 – Definities en toepasselijkheid

1. In deze voorwaarden wordt verstaan onder:

a) Stallinghouder: Exploitatiemaatschappij Pinckaers Gronsveld B.V.;

b) Staller: de gebruiker van de stalling, eigenaar van het Stallingsobject, tevens zijnde de contractuele wederpartij van Exploitatiemaatschappij Pinckaers Gronsveld B.V.;

c) Partijen: Stallinghouder en Staller gezamenlijk;

d) Het Stallingsobject: de caravan, de camper/auto, de vouwwagen, de aanhanger dan wel het vaartuig die bij de Staller in eigendom is en die gestald wordt bij Stallinghouder; hieronder worden eventuele toebehoren ook begrepen;

e) Stallingslocatie: de stallingslocatie, zowel overdekt als niet overdekt, alsmede alle overige terreinen en ruimten van Stallinghouder;

e) Overeenkomst: iedere overeenkomst die tussen Stallinghouder en Staller tot stand komt, elke wijziging daarvan of aanvulling daarop, alsmede alle (rechts)handelingen ter voorbereiding op en ter uitvoering van die overeenkomst;

f) Diensten: de diensten die door Stallinghouder worden verricht in het kader van de door haar geëxploiteerde caravan- en camperstalling;

g) Schriftelijk: op papier dan wel elektronisch geschreven en verzonden berichten.

2. Deze Voorwaarden zijn van toepassing op en maken deel uit van alle offertes, aanbiedingen, opdrachtbevestigingen, Overeenkomsten en alle andere rechtshandelingen tussen Stallinghouder en Staller.

3. Deze Voorwaarden zijn eveneens van toepassing op Overeenkomsten tussen Stallinghouder en de Staller, voor de uitvoering waarvan door Stallinghouder derden dienen te worden betrokken.

4. Staller gaat automatisch akkoord met de toepasselijkheid van deze Voorwaarden op toekomstige aanvragen, offertes, aanbiedingen, opdrachtbevestigingen, Overeenkomsten en alle andere rechtshandelingen tussen Staller en Stallinghouder. Stallinghouder en Staller hoeven dit niet steeds (expliciet) opnieuw overeen te komen.

5. Afwijkingen van en/of aanvullingen op deze Voorwaarden gelden alleen indien zij uitdrukkelijk schriftelijk worden overeengekomen en zijn uitsluitend van toepassing op de Overeenkomst waarin of in verband waarmee zij worden overeengekomen en niet op eventuele toekomstige aanvragen, offertes, aanbiedingen, opdrachtbevestigingen, Overeenkomsten of overige rechtshandelingen.

6. De toepasselijkheid van algemene en/of bijzondere voorwaarden van de Staller wordt van de hand gewezen, tenzij Stallinghouder de toepasselijkheid van dergelijke voorwaarden uitdrukkelijk schriftelijk heeft aanvaard.

7. Indien één of meerdere van de bepalingen in deze Voorwaarden nietig zijn of vernietigd worden, blijven de overige bepalingen van deze Voorwaarden in stand en van toepassing. Stallinghouder en Staller zullen in dat geval in overleg treden teneinde nieuwe bepalingen ter vervanging van de nietige c.q. vernietigde bepalingen overeen te komen, waarbij het doel en de strekking van de oorspronkelijke bepaling in acht wordt genomen.

8. Indien Stallinghouder niet steeds de strikte naleving van deze voorwaarden verlangt, betekent dit niet dat de bepalingen daarvan niet van toepassing zijn, of dat Stallinghouder in enigerlei mate het recht zou verliezen om in andere gevallen de strikte naleving van de bepalingen van deze voorwaarden te verlangen.

Artikel 2 – De stallingslocatie

Stallinghouder bewaart het aan haar toevertrouwde Stallingsobject op een door haar aan te wijzen plaats in een door haar beheerde overdekte ruimte c.q. een door haar afgegrensd terrein.

Artikel 3 – Toegang tot de stalling: stallingsbewijs en openingstijden

1. Staller ontvangt bij het aangaan van de stallingsovereenkomst een stallingsbewijs van Stallinghouder. Staller dient dit stallingsbewijs goed te bewaren en niet aan derden ter beschikking te stellen. Overlegging van het stallingsbewijs geeft namelijk recht om over het Stallingsobject te beschikken.

2. Staller dient bij elk bezoek aan de stalling het stallingsbewijs mee te nemen en desgevraagd te laten zien aan Stallinghouder. Het stallingsbewijs dient door Staller te worden ingeleverd bij Stallinghouder wanneer het Stallingsobject wordt opgehaald. Indien Staller het Stallingsobject weer terugbrengt naar de stallingslocatie, geeft Stallinghouder het stallingsbewijs weer terug aan Staller.

3. Indien Staller het stallingsbewijs kwijtraakt, dan dient hij dit onverwijld na ontdekking daarvan te melden bij Stallinghouder. Stallinghouder zal dan een speciale verklaring opstellen, welke na ondertekening door beide Partijen het recht geeft aan Staller om het Stallingsobject alsnog mee te nemen.

4. Toegang tot de stalling door Staller is enkel mogelijk gedurende de openingstijden:

Op werkdagen: 10.00-12.00 uur en 14.00 tot 16.00 uur

Op dinsdagavond en op vrijdagavond: 18.00-19.00 uur (uitsluitend in de periode van maart t/m november);

Op zaterdagen en zondagen: 10.00-12.00 uur.

5. De stalling is gesloten op 24 december, 25 december, 26 december, 31 december, 1 januari, de drie carnavalsdagen, 1e en 2e Paasdag, Hemelvaartsdag, 1e en 2e Pinksterdag en op de dagen dat in Gronsveld de bronkfeesten plaatsvinden. Dit laatste zal door Stallingshouder tijdig worden aangekondigd aan Staller.

6.

Buiten de in lid 4 genoemde reguliere openingstijden kan Staller het Stallingsobject op zaterdag- en zondagavond van 18.00-18.10 uur komen stallen. Staller dient dit vooraf aan Stallinghouder te melden, uiterlijk op dezelfde dag ’s ochtends tussen 10.00-12.00 uur, behoudens dat de Stalling gesloten is. De extra kosten voor deze service bedragen € 5,- per keer en zullen door Stallinghouder aanvullend aan Staller in rekening worden gebracht.

7. Stallinghouder is bevoegd de in dit artikel genoemde openingstijden eenzijdig te wijzigen. Indien dat het geval is, zal Stallinghouder Staller hierover voorafgaand tijdig in kennis stellen.

8. Stallinghouder is gerechtigd om het Stallingsobject de toegang tot de stallingslocatie te weigeren, indien zij dit wenselijk acht, onder meer indien Stallinghouder weet of vermoedt dat de Staller één of meer van de op hem rustende verplichtingen, zoals hieronder beschreven artikel 6 niet nakomt.

9. In afwijking van het bovenstaande geldt dat Stallingsobjecten die zijn gestald in locatie A vallen onder de zogenaamde “wintervastregeling”: het Stallingsobject kan in de periode van de herfstvakantie tot één week voor de Pasen niet afgehaald worden. Bovendien is locatie A in deze periode niet toegankelijk

Artikel 4 – Verplaatsing van Stallingsobjecten

1. Indien Staller zijn Stallingsobject binnen de stalling wenst te verplaatsen, dan dient hij daar zelf voor te zorgen. De stalling is namelijk self-serviced. Indien er een ander Stallingsobject (niet zijnde een camper of auto) vóór het Stallingsobject van Staller staat, dan dient de Staller dit Stallingsobject van de andere Staller zelf te verplaatsen en weer terug te plaatsen. Verplaatsing van Stallingsobjecten (behalve camper of auto) dient te allen tijde door ten minste twee personen te geschieden, teneinde schade te voorkómen.

2. Indien Staller zijn Stallingsobject komt afhalen dan kan Stallinghouder deze op verzoek van Staller klaarzetten zodat Staller direct weg kan rijden met zijn Stallingsobject. Als Staller zijn Stallingsobject terug komt brengen naar de stalling, kan Staller ervoor kiezen om het Stallingsobject door Stallinghouder binnen te laten zetten in de stalling. De kosten voor beide verrichtingen bedragen € 3,50 per keer en zullen door Stallinghouder aanvullend aan Staller in rekening worden gebracht.

3. Het voorgaande in lid 1 houdt tevens in dat het Stallingsobject (niet zijnde een camper of auto) van Staller ook door andere Stallers dan hemzelf kan worden verplaatst, wanneer dit noodzakelijk is. Staller stemt hier onherroepelijk mee in.

4. Verplaatsing van Stallingsobjecten van andere Stallers is slechts toegestaan indien dat nodig is op grond van lid 1 hiervoor. Voor het overige dient Staller zich te onthouden van het verplaatsen van Stallingsobjecten van andere Stallers.

5. Stallinghouder behoudt zich het recht voor om het Stallingsobject van Staller te verplaatsen naar een andere plek binnen de stallingslocatie, indien Stallinghouder dit voor een goede bedrijfsvoering noodzakelijk acht. Staller verleent hiervoor onherroepelijk toestemming.

6. Indien in de stallingsovereenkomst uitdrukkelijk is overeengekomen dat het Stallingsobject van Staller wordt gestald in locatie T dan dan wel locatie J (voormalige Tennis- en Jeu de Bouleshal), dan heeft te gelden dat Staller dient te gedogen dat Stallinghouder het Stallingsobject van Staller gedurende enkele dagen per jaar zal stallen op het buitenterrein, vanwege enkele jaarlijks terugkerende rommelmarkten in locatie T dan wel J. Stallinghouder zal Staller hierover tijdig in kennis stellen en Staller ook in de gelegenheid stellen om zelf het Stallingsobject tijdelijk te verplaatsen naar het buitenterrein en vervolgens weer terug te plaatsen naar locatie T dan wel locatie J.

Artikel 5 – Naamplaatje en voertuignummer

1. Bij het sluiten van de Stallingsovereenkomst verstrekt Stallinghouder niet alleen een stallingsbewijs zoals hiervoor genoemd aan Staller, maar ook een gepersonaliseerd (papieren) naamplaatje. Op dit naamplaatje staat te lezen: de naam van Staller; het kenteken, het merk en de afmetingen van het Stallingsobject; alsook de aanduiding van de stallingslocatie. Staller dient dit naamplaatje op of in diens Stallingsobject te bevestigen op een goed zichtbare plaats. Indien Staller constateert dat de gegevens op het naamplaatje niet (meer) juist of niet volledig zijn, dan dient Staller dit onverwijld aan Stallinghouder kenbaar te maken zodat Stallinghouder het naamplaatje kan aanpassen. Staller stemt onherroepelijk in met het voorgaande.

2.Stallinghouder zal daarnaast ook een viercijferig voertuignummer op het Stallingsobject (m.u.v. camper of auto) aanbrengen, ter identificatie van het Stallingsobject.

Artikel 6 – Verplichtingen Staller

Staller heeft de navolgende verplichtingen:

  1. Vóór het gebruik van de stalling dient Staller alle gevaarlijke voorwerpen en/of voorwerpen met ontploffings- en/of brandgevaar (waaronder, doch niet beperkt tot, gasflessen en brandstoffen) alsook illegale stoffen uit het Stallingsobject te verwijderen;
  2.  Staller dient ervoor te zorgen dat het Stallingsobject zich in goede staat bevindt;
  3. Indien Staller constateert dat gedurende de stallingsperiode een defect aan het licht komt dat schade kan toebrengen aan de stallingslocatie dan wel eigendommen van Stallinghouder en/of derden, zoals het lekken van vloeistoffen, dan dient hij dit onverwijld aan Stallingshouder te melden en voor het overige schadebeperkende maatregelen te treffen;
  4.  Staller dient alle waardevolle spullen uit het Stallingsobject te verwijderen;
  5.  Staller dient het Stallingsobject deugdelijk af te sluiten gedurende de periode dat het Stallingsobject zich op de stallingslocatie bevindt;
  6.  Staller dient niet langer in het Stallingsobject te verblijven dan gedurende de tijd die nodig is om het Stallingsobject te stallen. Nadat het Stallingsobject is gestald, dient Staller de stallingsruimte te verlaten. Overnachten in het Stallingsobject is strikt verboden;
  7.  Staller dient tijdig de verschuldigde stallingsprijs te voldoen, ook al wordt van de stallingsplaats geen gebruik gemaakt;
  8.  Staller dient de aangegeven rijrichting te volgen alsook de algemeen erkende verkeersregels, aanwijzingen van Stallinghouder dan wel haar personeel op te volgen, en het gestalde uitsluitend op de overeengekomen locatie te plaatsen;
  9.  Staller dient zich zodanig te gedragen dat het verkeer in/of bij de stalling niet wordt gehinderd en de veiligheid niet in gevaar wordt gebracht;
  10. Het is Staller niet toegestaan om in de stalling reparaties of andere werkzaamheden aan het Stallingsobject uit te voeren of te laten uitvoeren en/of het Stallingsobject te (laten) reinigen;
  11. Staller dient accu’s enkel op te laden op de daarvoor bestemde plekken;
  12. Staller dient er zorg voor te dragen dat het Stallingsobject en de inventaris deugdelijk verzekerd zijn tegen schade die het gevolg is van vermissing, diefstal, verplaatsing, brand, weersomstandigheden zoals hevige regenval, vorst of sneeuw.

Artikel 7 – Verplichtingen Stallinghouder

1. Stallinghouder neemt de zorg van een goed stallinghouder bij bewaring van het Stallingsobject in acht en treft de nodige maatregelen die in redelijkheid van hem verlangd kunnen worden ter voorkoming van schade aan het Stallingsobject en toebehoren.

2. Stallinghouder gebruikt het Stallingsobject niet en geeft het Stallingsobject niet bij derden in bewaring, tenzij dit in het belang van de Staller noodzakelijk is.

Artikel 8 – Duur stallingsovereenkomst en tussentijdse beëindiging van de stalling

1. De stallingsovereenkomst wordt aangegaan voor de periode van één jaar en loopt steeds van 1 oktober tot 1 oktober van het daaropvolgende jaar. Alleen bij nieuwe overeenkomsten gedurende het stallingsseizoen is de looptijd in eerste instantie korter, namelijk vanaf inschrijving tot 1 oktoberd daaropvolgend.

2. Bij voortijdige beëindiging van de Stallingsovereenkomst, om welke reden dan ook, zal Stallinghouder de reeds betaalde stallingsgelden niet restitueren aan Staller.

Artikel 9 – Niet-nakoming

1. Komt Staller zijn verplichtingen uit de overeenkomst niet na, dan kan Stallinghouder de overeenkomst geheel of gedeeltelijk ontbinden, tenzij het een tekortkoming van geringe aard betreft. Stallinghouder is gerechtigd om schadevergoeding te vorderen van Staller als Stallinghouder schade lijdt, tenzij er sprake is van overmacht.

2. Komt Stallinghouder haar verplichtingen uit de overeenkomst niet na, dan kan Staller de overeenkomst geheel of gedeeltelijk ontbinden. Is dit tijdens de huurperiode dan heeft Staller recht op (gehele dan wel gedeeltelijke) restitutie van de stallingprijs. Ook kan Staller schadevergoeding vorderen van Stallinghouder als hij schade lijdt, tenzij er sprake is van overmacht.

3. Indien Staller het Stallingsobject niet op de afgesproken tijd ophaalt, dan zal Stallinghouder meerkosten in rekening brengen voor de stallingprijs. Daarbij bestaat voor Stallinghouder de mogelijkheid om een vergoeding van geleden schade te vorderen bij Staller.

Artikel 10 – Schade, verzekering en vrijwaring

1. Indien één der partijen constateert dat er sprake is van diefstal, inbeslagname en/of aanzienlijke beschadiging van het Stallingsobject, inventaris of toebehoren, dan treden partijen onverwijld met elkaar in overleg.

2. Elke aansprakelijkheid van Stallinghouder voor schade / diefstal gedurende de stallingsperiode wordt uitgesloten. Het risico voor schade / diefstal tijdens de stalling rust derhalve bij Staller zelf. Tevens aanvaardt Stallinghouder geen aansprakelijkheid voor lichamelijk letsel en enige andere schade aan personen of voorwerpen, direct of indirect veroorzaakt door of tengevolge van het gebruik van de stalling. Dit behoudens opzet en grove schuld zijdens Stallinghouder.

3. Staller vrijwaart Stallinghouder tegen elke aansprakelijkheid jegens derden ten gevolge van door de Staller eventueel veroorzaakte schade aan (eigendommen van) derden. De Staller is aansprakelijk voor alle schade die hij veroorzaakt aan de stalling, aan de tot de stalling behorende apparatuur en aan voorwerpen van derden (zoals Stallingsobjecten van andere Stallers).

Artikel 11 – Niet tijdig ophalen Stallingsobject, retentierecht en pandrecht

1. Indien de Staller het Stallingsobject niet, of niet tijdig ophaalt, heeft Stallinghouder recht op evenredige vermeerdering van de stallingprijs en vergoeding van de eventuele schade.

2. Stallinghouder is gerechtigd het Stallingsobject onder zich te houden en afgifte op te schorten, totdat Staller al zijn verplichtingen jegens Stallinghouder heeft voldaan, waaronder vergoeding van kosten betrekking hebbende op dit retentierecht van Stallinghouder.

3. Tot zekerheid voor de betaling van al hetgeen Staller aan Stallinghouder verschuldigd is of zal zijn, heeft Stallinghouder een pandrecht op het Stallingsobject. Het pandrecht wordt gevestigd door het enkel aangaan van de Overeenkomst en het in de macht van Stallinghouder brengen van het Stallingsobject. Indien Staller – na door Stallinghouder per aangetekend schrijven te zijn aangemaand – zes maanden na datum van dit aangetekend schrijven de verschuldigde betaling niet heeft voldaan aan Stallinghouder en tevens de periode waarop het verschuldigde bedrag betrekking heeft, is verlopen, dan heeft Stallinghouder het recht om het Stallingsobject van Staller te (doen) verkopen. Stallinghouder heeft alsdan het recht uit de opbrengst van deze verkoop de volledige vordering op Staller, te verhalen.

Artikel 12 – Toepasselijk recht en bevoegde rechter

1. Op alle rechtsbetrekkingen tussen Partijen, is uitsluitend Nederlands recht van toepassing.

2. De rechter in het Arrondissement Limburg, zittingsplaats Maastricht, is bij uitsluiting bevoegd om van geschillen kennis te nemen, tenzij de wet dwingendrechtelijk anders voorschrijft.

Artikel 13 – Wijziging voorwaarden

1. Stallinghouder behoudt zich het recht voor om deze Voorwaarden eenzijdig te wijzigen.

2. In dat geval zal Stallinghouder de gewijzigde voorwaarden aan Staller toezenden. De gewijzigde voorwaarden zijn van toepassing na 30 dagen nadat Stallinghouder Staller de voorwaarden heeft toegestuurd. Staller wordt geacht in te stemmen met de wijzigingen tenzij Staller binnen de genoemde termijn van 30 dagen schriftelijk aan Stallinghouder heeft laten weten dat hij het met de wijziging niet eens is.

3. Bij een mededeling van wijziging en/of aanvulling is Staller gerechtigd de Overeenkomst tussentijds te beëindigen. Staller dient dit dan schriftelijk te laten weten aan Stallinghouder binnen de periode van 30 dagen.